Reglementaire bepalingen

 

    1.  Inschrijven van leerlingen

 

Bij de inschrijving van de leerling dienen voorgelegd:

 

1   een kopie van de SIS-kaart (voor kinderen woonachtig in België)

Kinderen van vreemde nationaliteit bezorgen een uittreksel uit het bevolkingsregister.

2     een attest buitengewoon onderwijs met de type-bepaling afgeleverd door een bevoegde instantie.

3     indien het kind in de loop van het schooljaar bij ons wordt ingeschreven, dient U ook een papier 'mededeling van schoolverandering' te ondertekenen

 

In september van het jaar waarin uw kind 6 jaar wordt, is het leerplichtig en wettelijk verplicht om les te volgen. Ook wanneer het nog op die leeftijd in het kleuteronderwijs blijft, is het dus als elk ander leerplichtig kind onderworpen aan de controle op het regelmatig schoolbezoek.

 

In het buitengewoon onderwijs kan een leerplichtig kind het eerste jaar van de leerplicht in het kleuteronderwijs doorbrengen. Het volgen van kleuteronderwijs kan daarna nog met één jaar verlengd worden. Na kennisneming van en toelichting bij de adviezen van de klassenraad en van het CLB nemen de ouders daaromtrent een beslissing.

 

In het buitengewoon onderwijs kan een leerling lager onderwijs blijven volgen tijdens het schooljaar dat aanvangt in het jaar  waarin hij dertien jaar wordt.  Het volgen van buitengewoon lager onderwijs kan daarna nog met één schooljaar verlengd worden.  Na kennisneming van en toelichting bij het advies van de klassenraad en het CLB nemen de ouders daaromtrent een beslissing.

 

Het schoolbestuur weigert de inschrijving van de leerling die het vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar definitief werd uitgesloten uit de school.  Weigering, omwille van materiële omstandigheden die de veiligheid in het gedrang brengen, kan in het buitengewoon basisonderwijs voor elk type of niveau afzonderlijk of voor de school in zijn geheel. Het departement legt hiervoor geen normen op.

Een leerling is pas ingeschreven als de ouders dit schoolreglement hebben gelezen en getekend voor akkoord én als er door een bevoegde dienst een attest voor buitengewoon onderwijs afgeleverd is.

2.  Getuigschriften onderwijs

Bij het beëindigden van het bijzonder lager onderwijs krijgen de leerlingen een attest buitengewoon lager onderwijs.  Dit attest geeft toegang tot gewoon secundair onderwijs.

Een getuigschrift lager onderwijs kan uitzonderlijk uitgereikt worden in het buitengewoon lager onderwijs.

Het is de klassenraad die beslist of het kind al dan niet aan de gestelde eisen voldoet.

Na het eerste jaar secundair onderwijs ontvangt het kind automatisch het getuigschrift lager onderwijs. 

Als de ouders de beslissing van de eindklassenraad niet aanvaarden, kunnen ze ten laatste op de derde werkdag na de uitreiking van het rapport hun bezwaren kenbaar maken.  Dat kan via een persoonlijk onderhoud met een afgevaardigde van het Schoolbestuur of de voorzitter van de eindklassenraad. Tijdens bovenvermeld onderhoud zullen de ouders inzage krijgen in het schoolvorderingsdossier en in de gemaakte toetsen.

Dan zijn er drie mogelijkheden:
a.   De ouders zijn ervan overtuigd dat de eindklassenraad de juiste beslissing genomen heeft. De betwisting is dan van de baan.
b.   De schooloverheid, de directie, de voorzitter van de eindklassenraad of zijn afgevaardigde meent dat de ouders redenen aandragen die het overwegen waard zijn.

      In dat geval roept zij de leden van    de eindklassenraad zo spoedig mogelijk samen en wordt de aangevochten beslissing opnieuw overwogen.
      De klassenraad kan dan ofwel haar beslissing herzien en dan is het probleem opgelost, ofwel haar beslissing handhaven en dan blijft het probleem bestaan.
      Als de delibererende klassenraad opnieuw samenkomt, zal ze het resultaat van de bespreking schriftelijk en gemotiveerd aan de ouders meedelen, ongeacht het resultaat van de deliberatie.
c.   De schooloverheid meent dat de aangebrachte elementen geen nieuwe bijeenkomst van de eindklassenraad noodzakelijk maken. Dat wordt gemotiveerd aan de ouders meegedeeld.

      Wanneer de ouders het daarmee oneens zijn en de genomen beslissing onjuist blijven vinden, blijft de betwisting bestaan.
      Indien de betwisting blijft bestaan, kunnen de ouders binnen een termijn van vijf werkdagen via de directeur schriftelijk beroep indienen bij de beroepscommissie.

      De beroepscommissie bestaat uit:
      - de directeur
      - drie personeelsleden die aangewezen worden door het Schoolbestuur en geen deel uitmaakten van de eindklassenraad die de betwiste beslissing nam.

      De beroepscommissie vergadert geldig als er ten minste drie leden aanwezig zijn. In het belang van het onderzoek kan zij om het even wie horen.

      De beroepscommissie motiveert haar adviezen en maakt ze over aan het Schoolbestuur dat beslist of de delibererende klassenraad al dan niet opnieuw moet samenkomen.
      Moet ze niet opnieuw samenkomen, dan deelt het Schoolbestuur dat onmiddellijk schriftelijk en gemotiveerd aan de ouders mee.
      Moet ze wel opnieuw samenkomen, dan moet er een definitieve beslissing genomen worden, uiterlijk op 20 september.
      De beslissing wordt schriftelijk en gemotiveerd aan de ouders meegedeeld.

  

    3.  Studierichtingen na buitengewoon onderwijs

 

Type 8 : Gewoon secundair onderwijs

Type 1 : Gewoon secundair onderwijs of buitengewoon secundair onderwijs

Type 2 : BuSO (buitengewoon secundair onderwijs)

Terug naar algemeen

startpagina